PLUTÔT / PLUS TÔT; VERSCHIL EN GEBRUIK; VOORBEELDEN;
PLUTÔT / PLUS TÔT |
PLUTÔT als één woord: |
1 - Plutôt, in één woord betekent de préférence, (liever, eerder). - Prenez plutôt cette direction, vous arriverez directement. (Prenez de préférence cette direction...). - Prenez plutôt une douche. (Prenez de préférence une douche). 2 - Plutôt in één woord kan ook plus exactement, (liever / beter gezegd) betekenen. Dan is het een bijwoord dat een correctie aanbrengt: - C'est un problème d'argent ? Non plutôt un problème d'avenir. (Plus exactement, un problème d'avenir que problème d'argent). (Is het een geldprobleem? Nee, eerder een toekomstprobleem. Dus: beter gezegd een toekomstprobleem.) 3 - Plutôt, vóór een bijvoeglijk naamwoord, betekent assez, passablement, (nogal, best wel, aardig, tamelijk). - Voici une construction plutôt solide. (Assez solide). (Deze constructie is best wel stevig.) |
PLUTÔT ... QUE |
Deze uitdrukking wordt gebruikt met "que", en dan gaat het erom een voorkeur tussen twee keuzes aan te geven. Tevens wordt hiermee een bijzin ingeluid. Het kan betekenen de préférence, au lieu de (liever... DAN, eerder... DAN, in plaats van): - Choisissez la chemise blanche plutôt que la chemise rose. (liever de witte dan de roze). - Plutôt souffrir que mourir. (La Fontaine) (Mourir de préférence à souffrir).(Liever lijden dan sterven.) - C'est la curiosité plutôt que l'intérêt qui le guide. (C'est la curiosité au lieu de l'intérêt qui le guide). (Het is eerder nieuwsgierigheid dan interesse dat hem leidt.) |
PLUTÔT QUE + DE + hele werkwoord |
Deze uitdrukking kan vervangen worden door het synoniem au lieu de (in plaats van): - Sortons danser plutôt que de rester devant la télévision. (Danser au lieu de rester devant la télévision). (Laten we uitgaan en gaan dansen in plaats van voor de tv te blijven hangen.) |
PLUS + TÔT in twee woorden |
Plus tôt, in twee woorden, betekent avant, plus vite, de meilleure heure ► eerder, vroeger, op een vroeger tijdstip. (In tegenstelling tot plus tard ► later) Plus en tôt zijn twee bijwoorden die tijd aanduiden en een vergrotende trap hebben: - Si tu sors plus tôt des cours, téléphone-moi. (Sortir avant). (Bel me als je eerder uit bent.) - Nous sommes arrivés plus tôt pour ne pas manquer votre départ. (Arrivés avant l'heure pour ne pas manquer le départ). (We zijn eerder/ vroeger gekomen om jullie vertrek niet te missen.) |
PLUS TÔT + QUE |
Deze uitdrukking met que kan vervangen worden door de synoniemen avant, auparavant (ervoor, eerder dan): - Je préfère partir plus tôt le matin que plus tard dans la soirée. (Partir de meilleure heure). (Ik vertek liever eerder 's ochtends dan later 's avonds.) - Viens cet après-midi ou plus tôt si tu veux. (Ou viens avant si tu veux). (Kom dan vanmiddag maar, of eerder als je dat wilt.) |
CONTROLE |
Men schrijft plus tôt met twee woorden wanneer men het kan vervangen door plus tard (LATER): - Si vous comptez partir plus tôt, n'hésitez pas. (Si vous comptez partir plus tard, n'hésitez pas. ► OK). - Si vous préférez manger du poulet plutôt que du lapin, dites-le. (Si vous préférez manger du poulet plus tard que du lapin, dites-le. ► FOUT : Als u liever/eerder kip heeft dan konijn, zegt u het maar ► als u LATER kip heeft dan konijn, dan zegt u het maar) en dus moet het zijn: "plutôt" in één woord.) |
DUBBELE BETEKENIS |
Dubbele betekenis De woorden plus tôt of plutôt kunnen soms allebei in dezelfde soort zin gebruikt worden, maar de betekenis is dan niet hetzelfde: - Il faut accueillir le Préfet plus tôt que son adjoint. (L’adjoint sera reçu, mais plus tard, après le Préfet. De Prefekt moet eerder/vroeger ontvangen worden dan zijn wethouder.) - Il faut accueillir le Préfet plutôt que son adjoint. (L’adjoint ne sera pas reçu). (De Prefekt kan liever /beter op bezoek komen dan zijn wethouder) |